|
Wobbler-syndroom of Ataxie MMEP-test als hulpmiddel bij de diagnostiek |
||
|
Je paard loopt slordig, het heeft problemen met wissels en combinatiesprongen het lijkt alsof het of het is te snel gegroeid en heeft daardoor nog wat weinig spieren en is slap. Het zou dan best eens kunnen dat jouw paard een Wobbler is. De term Wobbler is afgeleid van het Engelse werkwoord to wobble, wat schommelen betekent. Dit komt door het voornaamste symptoom van de aandoening : een waggelende of ongecoördineerde gang (=ataxie). Dit is het gevolg van een probleem in de proprioceptie of anders gezegd : paarden met Wobbler weten niet goed waar hun voeten staan of waar ze ze neerzetten. |
![]() |
|
Wat zijn de symptomen ? De mate van ataxie wordt onderverdeeld in graden, waarbij 0 normaal is en 5 paarden zijn die niet meer recht geraken. Bij veel paarden zijn de symptomen traag progressief en begint het bij graad 2 (symptomen in draf, maar door eigenaars soms gemist) en evolueren naar graad 3(duidelijke symptomen) of 4 (neiging tot vallen). Dit langzame verloop maakt het soms moeilijk om de afwijking op te merken, vermits het vaak jonge paarden zijn die al een tijdje een speciale gang hebben. Toch zijn er ook paarden waarbij de symptomen plots optreden of waarbij het probleem acuut duidelijk zichtbaar wordt. Wat is de oorzaak? Een genetische predispositie wil echter niet zeggen dat twee Wobblers-ouders een Wobbler-veulen voortbrengen, maar het veulen heeft wel meer kans om behalve coördinatieproblemen ook andere groeistoornissen te krijgen zoals OCD, peescontracturen enz. Dat zijn namelijk eveneens problemen waarbij een snelle groei een uitlokkende factor zou kunnen zijn. |
||
Kan men bevestigen of mijn paard een Wobbler is? Eerst en vooral kan men met een klinisch-neurologisch onderzoek bij erge aantasting van het ruggenmerg met redelijk grote zekerheid zeggen of een paard ataxie heeft of niet. Een aantal voorbeelden van eenvoudige testjes : o Door het paard in zeer kleine cirkels rond de voorhand te draaien, kan men de coördinatie van de achterhand evalueren. Een atactisch paard zal moeilijk of niet kunnen overkruisen, maar het zal op zijn eigen hoeven trappen of zal bvb. erg breed uitzwaaien met het buitenbeen. o Bovendien vertoont een atactisch paard problemen bij het achteruit gaan : het zal de voorbenen achteruit plaatsen zonder tegelijkertijd de achterbenen achteruit te zetten of je zult het helemaal niet achteruit krijgen. o Als je het paard longeert, loopt het erg slordig, draagt de achterhand achter zich en heeft veel problemen met overgangen van draf naar galop en omgekeerd. Bij deze overgangen zwaait het overmatig uit met de achterbenen. Door het vanuit draf plots tot stilstand naar je toe te trekken, zal het breed uitzwaaien waarschijnlijk nogmaals duidelijk worden. Vaak blijven ze dan ook wijdbeens staan en corrigeren dit niet of laattijdig. o Een andere manier om jouw paard zijn coördinatie te testen is de sway test. Hierbij neemt iemand de staart en de andere persoon stapt met het paard. Tijdens het stappen trek je het paard aan de staart opzij. Een normaal paard zal je één keer opzij kunnen trekken, maar zal vervolgens weerstand bieden en dus tegen trekken. Bij een atactisch paard kan je verscheidene malen na elkaar proberen zonder dat het tegen trekt; je kunt het er zelfs bijna mee omver trekken. o Dit zijn natuurlijk erg subjectieve testen en ze zullen niet altijd uitsluitsel geven. Bovendien zijn er andere aandoeningen die op symptomen van Wobbler kunnen lijken. Daarom is het aan te raden om bij een verdacht paard verder onderzoek uit te voeren. |
|
|
Afhankelijk van de bevindingen van het klinisch-neurologisch onderzoek, kan men trachten de vermoedelijke plaats in het ruggenmerg te lokaliseren en deze plaats in beeld te brengen. Het merendeel van de letsels bevindt zich in hals. Radiografieën kunnen mogelijke oorzaken van ruggenmergcompressie aantonen: fracturen, ocd, lipping, artritis en andere misvormingen ter hoogte van de halswervels. Op de gewone radiografie is de exacte oorzaak en plaats echter niet altijd te zien, bijvoorbeeld bij een dynamische compressie van het ruggenmerg. Hierbij wordt het ruggenmerg gekwetst doordat ten gevolge van een instabiliteit tussen de wervels deze bij buigen en strekken van de hals herhaaldelijk op het ruggemerg gaan drukken. Het kan zijn dat bij een gewone radiografie een perfect normaal beeld gezien wordt, maar dat enkel bij bepaalde posities van de hals de instabiliteit tot uiting komt. |
||
Bij deze gevallen is een myelografie nodig om de juiste plaats van compressie te bepalen. Een myelogram is een ingreep onder algemene narcose, waarbij men via een lange naald het spinaal kanaal gaat aanprikken en er vervolgens contraststof in aanbrengt. Daarna gaat men RX-foto's nemen in verschillende posities om de plaats van compressie te bepalen. Tijdens deze ingreep kan men eveneens een staal cerebrospinaal vocht nemen en laten onderzoeken voor eventuele infectieuze aandoeningen, tumoren enz. Bovendien beschikken we tegenwoordig over de MMEP-test, waarbij men de snelheid van de geleiding in het ruggenmerg gaat testen. |
|
|
![]() |
![]() |
|
| Links MMEP-test van de achterbenen en rechts van de voorbenen van een normaal paard. Gezien de afstand naar de achterbenen groter is, is de latentietijd (= tijd vooraleer de piek verschijnt) langer dan die bij de voorbenen. Bovendien zien we een grote piek verschijnen die een min of meer mooie curve beschrijft. | ||
![]() |
![]() |
|
| In het voorbeeld hierboven links de MMEP-test van de achterbenen en rechts van de voorbenen van een paard met een ruggemergletsel thv. de hals. De MMEPs (antwoorden) bij deze patiënt hebben een duidelijk langere latentietijd vooral thv. de achterbenen. Bovendien zijn de initiële pieken kleiner en beschrijven ze geen mooie curve (polyfasisch karakter). |
||
|
Wat kan ik doen als mijn paard Wobbler-syndroom heeft ?
Er zijn drie manieren om deze paarden te behandelen, maar allen met een erg variabel resultaat en een gereserveerde prognose. Bij elk van deze behandelingen dient men zich te realiseren dat beschadigde zenuwen máánden tot een jaar nodig hebben om te herstellen en dit zolang er geen verdere schade meer optreedt. Alleszins zijn paarden met ataxie niet geschikt voor de sport en kan men zich bovendien zeker de vraag stellen of een paard dat niet weet waar het zijn voeten zet, überhaupt veilig is, zelfs voor een kleine wandeling. |
||
![]() |
![]() |
|